MATTHIEU CLAUS (°23/04/1977 – Kortrijk | BELGIË)
POËTISCHE QUEESTE- Matthieu claus heeft geen boodschap aan grote verhalen en onderschrijft hiermee intuïtief het postmodernisme van Lyotard. De Franse filosoof stelde het falen van het wetenschappelijk discours aan de kaak vanwege haar discriminerend karakter.
Matthieu lijkt in zijn werk hetzelfde te doen. Hij put inspiratie uit afbraaksites, industriële ruïnes en schroothopen – de tragische restanten van de ooit grootse producten van ons vooruitgangsdenken. Hij maakt foto’s van verwrongen staalplaten, platgegooide gebouwen en betonbrokken en herinterpreteert deze als landschappen. Uit de vormeloze massa’s puurt hij lijnen, vlakken en figuren die hij verwerkt tot uiterst frêle schilderijen.
Belangrijk daarbij is zijn persoonlijke invulling. De post- industriële scènes mogen dan als basis dienen, het resultaat verwijst eerder naar zijn innerlijke gemoedstoestand. Vaak verrijzen warme, vrouwelijke vormen met menselijke associaties uit de oorspronkelijk kille fotobeelden. Door landschappelijke kleurtinten toe te voegen, schept hij een nieuwe wereld, kent hij opnieuw betekenis toe aan wat nutteloos is geworden.
De werken van Matthieu Claus lezen als een poëtische queeste naar de donkerste regionen van de ziel. Mits de juiste aandacht wordt de toeschouwer een intiem inzicht verleend in de bewogen denkwereld van een jonge kunstenaar.
© Roderic Six